WOZ-waarde; mag het een onsje méér zijn?

Bij de slager levert een onsje méér meestal geen problemen op. Indien een WOZ-waarde echter wordt verhoogd, zal menigeen zich toch minder meegaand opstellen. Een hogere WOZ-waarde leidt immers tot een hogere aanslag, nietwaar? Deze veronderstelling gaat echter niet altijd op. Zie hieronder een voorbeeld waarin een belastingplichtige zelf om een verhoging van de WOZ-waarde vroeg, maar een hogere belastingaanslag uit bleef.

Gemeenten stellen elk jaar de waarde vast van onroerende zaken: de WOZ-waarde. Deze waarde bepaalt de hoogte van een aantal belastingen. Tegen de vaststelling van de WOZ-waarde kan de belastingplichtige zich verzetten. In het merendeel van de gevallen wordt daarmee beoogd om de WOZ-waarde naar beneden bijgesteld te krijgen om zo ook minder belasting te hoeven betalen.

In het voorbeeld waar ik hierboven over sprak, vroeg een belanghebbende echter niet om een verlaging van de WOZ-waarde, maar om een – zelfs zeer forse – verhoging en wel van €45.000 naar €394.000! De belanghebbende meende hiervoor goede gronden te hebben, gelegen buiten het fiscale spectrum. De belastingambtenaar, de rechtbank en in hoger beroep het hof waren hem echter niet ter wille. Zij wezen de vordering af omdat procesbelang zou ontbreken. Het hof wees daarbij op een rechtsregel die juist dient ter bescherming van rechtszoekenden, namelijk het verbod dat een rechtszoekende als gevolg van het instellen van beroep, in een slechtere financiële positie zou komen te verkeren. En een verhoging van de WOZ-waarde leidt tot hogere belastingen en dus tot financieel nadeel, aldus het hof.

De belanghebbende in kwestie was het hier echter niet mee eens en zo kwam de zaak tot bij de Hoge Raad. Die oordeelde ánders en in het voordeel van de belanghebbende. Volgens de Hoge Raad is het wél duidelijk dat iemand die in een procedure een hogere WOZ-waarde bepleit, daarmee niet beoogt om méér belasting te betalen maar kennelijk andere motieven en belangen heeft om die verhoging na te streven. Dat betekent ook, aldus de Hoge Raad, dat indien de verhoging van de WOZ-waarde wordt toegewezen, dit niet kan leiden tot een verhoging van de belasting(en). Van enig financieel nadeel voor de belanghebbende is dus geen sprake.

Wilt u dus - om andere dan fiscale reden -  de WOZ-waarde verhoogd hebben (bijvoorbeeld in verband met de verkoop van een huis) dan kunt u dit gerust bepleiten zónder daarmee een hogere belastingaanslag te riskeren. Bent u toch niet zeker van uw zaak, neem dan gerust eens contact op met een van de juristen van Arvalis. Zij kunnen de mogelijkheden dan met u bekijken en indien nodig een bezwaar of beroep voor u instellen.   

 

 

Meer blogs

Let op: kortingen op SDE-subsidie in praktijk niet altijd terecht

(24 oktober 2017)

Ondernemers die duurzame energie opwekken, kunnen gebruik maken van de SDE-regeling. De SDE-regeling is een subsidieregeling waarbij ieder jaar...

Glastuinbouwbedrijven weer ‘in the picture’ bij kopers

(03 oktober 2017)

Ondernemers in de glastuinbouw die hun bedrijf wilden verkopen, hebben een aantal moeilijke jaren achter de rug. Waar omstreeks 2010 de teneur in de...

Wie geef u het vertrouwen?

(11 september 2017)

Wie behartigt uw belangen als u dit zelf niet meer kunt? Dit is natuurlijk een legitieme vraag voor mensen die een dagje ouder worden, maar zeker ook...

Zachte plannen met harde gevolgen voor planschade claims

(16 augustus 2017)

Ruimtelijke plannen bieden vaak meer mogelijkheden dan waarvan op dat moment gebruik wordt gemaakt. Denk daarbij bijvoorbeeld aan een bouwtitel voor...

Oververhitting op de particuliere huizenmarkt?

(05 juli 2017)

De krapte op de particuliere woningmarkt neemt zichtbaar toe. Van alle provincies in Nederland is Limburg deze keer de koploper. Er staan op dit...