Scroll
Meld je aan voor de nieuwsbrief
10 augustus 2017

Nieuwe kortgedinguitspraken fosfaatreductieplan

De voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag heeft gisteren 3 nieuwe kortgedinguitspraken gedaan over de buitenwerkingstelling van het fosfaatreductieplan.

De uitspraken liggen in de lijn met de uitspraken van 4 mei eerder dit jaar en hebben tot gevolg dat voor melkveehouders die te maken hebben met onderstaande situaties, de fosfaatreductieregeling (vooralsnog) buiten werking is gesteld:

  • Grondgebonden groei;
  • Melkveebedrijven die vóór 2 juli 2015 onomkeerbare investeringsverplichtingen zijn aangegaan.

Of zowel de uitspraak van 4 mei als die van gisteren stand houdt, is nog maar de vraag. De uitkomst van het spoedappel kan hier nog verandering in brengen. De Staatssecretaris heeft immers tegen de uitspraken van 4 mei 2017 een spoedappel ingesteld. De behandeling hiervan zal op 18 september a.s. plaatsvinden en de uitspraak wordt in oktober verwacht.

De Staat heeft in afwachting van de behandeling van het spoedappel een zogenoemde “lichte toets” ontwikkeld. Hiermee kunnen melkveehouders die zich scharen onder bovengenoemde situaties, zich melden bij RVO en verzoeken het bedrijf buiten de reductieregeling te stellen. Aan de hand van bewijsstukken dienen de betreffende melkveehouders aan te tonen dat zij grondgebonden zijn en/of vóór de peildatum 2 juli 2015, onomkeerbare investeringsverplichtingen zijn aangegaan. RVO moet hier volgens de rechter binnen 2 weken na indieningsdatum op reageren.

Arvalis heeft in de afgelopen periode voor verschillende melkveehouders een verzoek tot gelijke toepassing van de kortgedinguitspraken van 4 mei jl. ingediend bij RVO. In een aantal situaties heeft RVO verzocht om aanvullende informatie om te kunnen beoordelen of er sprake is van een gelijke situatie. Denk hierbij onder andere aan verleende vergunningen, een ondertekende financieringsovereenkomst ten behoeve van verwerving van grond of de nieuwbouw/verbouw van gebouwen, een aannemingsovereenkomst en/of een koopovereenkomst.

In een aantal andere situaties hebben wij reeds wel een inhoudelijke reactie van RVO ontvangen op de verzoeken. In deze reacties worden de verzoeken formeel afgewezen. RVO stelt echter in deze reacties wél vast dat, op basis van de ingediende bewijsstukken, aannemelijk is  dat er sprake is van onomkeerbare financiële investeringen voor de peildatum. RVO verleend aan de bedrijven die voldoen aan de “lichte toets”, uitstel van betaling in afwachting van de uitspraak op het spoedappel. Mocht echter de Staatsecretaris in het gelijk worden gesteld, waarschuwt RVO ervoor dat eventueel opgelegde/berekende heffingen alsnog moeten worden betaald.

Arvalis adviseert melkveehouders die nog géén verzoek tot gelijke toepassing hebben ingediend (grondgebonden /investeringsverplichtingen), om alsnog zo’n verzoek in te dienen. Zo’n verzoek dient echter wel deugdelijk gemotiveerd te worden. Daarom is het van belang om voor uw situatie de onderliggende bewijsstukken te verzamelen, zodat deze direct meegezonden kunnen worden. Indien wordt aangenomen dat er sprake is van een gelijke situatie, dan zal RVO in afwachting van de uitspraak op het spoedappel, uitstel van betaling verlenen. Wordt de Staatssecretaris niet in het gelijk gesteld, dan kan de regeling ook voor uw bedrijf buiten toepassing blijven.

Voor de perioden 1, 2 en 3 zijn de kaarten reeds geschut. Voor de periode 4 en 5 is het wellicht wenselijk vooraf duidelijk te hebben of u al dan niet gehouden wordt aan de reductiedoelstelling.  Als dus vooraf duidelijk is dat u bent vrijgesteld, loopt u geen risico op het moeten betalen van heffingen.

Het indienen van een verzoek tot gelijke toepassing kan resulteren in het buiten werking laten van de fosfaatreductieregeling voor uw bedrijf maar kan ook als opstap dienen bij het toekennen van fosfaatrechten.

Vragen?

Je gebruikt een verouderde webbrowser

Deze website maakt gebruik van moderne technieken die niet worden ondersteund door jouw webbrowser. Update mijn webbrowser

×

Sluiten
Sluiten